Reves Roomse Roomsoezen
Reves Roomse Roomsoezen
Vanwege de redactie van het Nieuw Wereldtijdschrift heb ik een alleraardigst kedootje ontvangen in de vorm van een hartstikke leuk boekwerkje, gewoon omdat ik abonnee ben! Nou, wie verdraaid doet het deze blijkbaar niet van de nodige fondsen, maar evenmin van een onloochenbare gulheid verstoken heren na? Dit is alleszins een gebaar dat mijn ongeloof in 's mensen goedheid danig afzwakt, en even beslist een exempel waaraan enige vorm van navolging ten deel zoude mogen vallen! Nog natrillend van de doorstane emoties na het openmaken van deze geschenkzending en met een onbewust opgeborrelde welwillendheid begonnen we gretig te lezen in Roomse Heisa, een door een allerbeeldigst lichtblauw gewolkt kaftje versierd boekje dat zes Artikelen omvat, oorspronkelijk door Gerard Reve geschreven als verslaggever voor het NRC Handelsblad n.a.v. het recente bezoek van de Roomse Kerkvorst aan Nederland, en handelend over des schrijvers soms ontroerende, dan weer schokkende geloofstribulatiën. Niet te filmen, gewoon!
Eerlijkheidshalve dienen wij te vermelden dat ons herendeel zich tijdens deze lectuur niet heeft verheven in de mate waarin wij zulks stiekem hadden verhoopt. Maar zoals ik laatst nog zei tot een vriend, de heer E.L. uit B., het hoeft ook niet altijd een Poel van Jolijt te worden.
Wij hebben inderdaad veel geleerd, wij hebben inderdaad wat gevoeld, zij het dan volstrekt geestelijk, niet het minst doordat de artikelen verlucht zijn met enige opzienbarende snapshots (van V. Mentzel) waarop te zien zijn de auteur, de Paus of enthousiaste gelovigen, en die een intimiteitsvolle bezonkenheid uitstralen welke de drukdoende verrekijkbuis nauwelijks vermag te evenaren.
Ik zeide dus: geloofstribulatiën. In het openingsstuk, 'Het Ware Geloof Of Het Nut Van Een Hoed' overigens gesteld in (zelf)interview-vorm legt de Nederlandse Successchrijver ons nogmaals uit hoe de roomse heisa bij hem eigenlijk begonnen is, en ditmaal is dat door... een hoed! Voortaan gaan ook wij niet meer zo lichtzinnig heen over schijnbare toevalligheden, hoewel we anderzijds graag toegeven dat een enkele ironische zin in deze tekst ons ondanks alles niet is ontgaan.
In 'Het Wapen Van De Paus. Een brief aan Rudy K. lezen we over schrijvers erge depressie en de morele steun die hij krijgt van een priester, maar vooral over een ietwat melancholische jongensrêverie tijdens een voorstelling van "diaas" over de Paus.
'Die Malle Kus' is een korte maar kordate apologie van des Pausen grondkus, een "symbolisch gebaar" dat het Nederlandse volk, aldus Reve in een felle uitlating, niet eens waard is te ontvangen.
Even straight to the point is het artikel 'De Nieuwe WA In Utrecht', waarin de auteur scherp uithaalt naar de brutale anti-Paus manifestanten en hij aarzelt daarbij niet de verantwoordelijkheid voor de rellen toe te schrijven aan wat hij noemt de "Weerafdeling" (WA, oorspronkelijk van de N.S.B. !) van het socialisme.
Veeleer beschouwend klinkt 'De Ontoepasbaarheid Van De Katholieke Moraal', dat ons de discrepantie uitlegt tussen het Woord van de Kerk (de wet, de formulering) en de exacte betekenis (de bedoeling) van het Woord, zodat bijv. de moraal onvermijdelijk "absurd" wordt en "zo totaal ontoepasbaar". Misschien wat achterhaald toch deze bedenkingen, hoewel anderzijds voor sommigen helaas nog steeds niet volledig nutteloos.
Tot besluit dan het korte 'Een Zware Dag' over de verveling die de vermoeide en teleurgestelde schrijver voelt bij de eindeloze preken van de paus. Slotzin: "Maar die Kerk blijft wel bestaan, dacht ik, en dat strekke ons tot troost" (blz. 52).
Wij gunnen Reve, voor wie we na lectuur van de aangrijpende roman Moeder en Zoon heel wat sympathie voelen, die troost met heel ons hart. Onze lezers wensen we de gezichtsmassage die we zelf ondergingen door die Roomse Heisa, want, zoals Herman De Coninck hoopt in zijn introductiebrief bij het geschenk, het boek heeft inderdaad zowel op onze lachspieren als wenkbrauwen gewerkt, hoewel toch vooral die laatste aan de beurt kwamen.
Al bij al smaakt Roomse Heisa mij net iets te veel naar die typisch Nederlandse roze en witte suikermuisjes. Of room(s)soezen.
Luc PAY
📌 Gerard Reve, Roomse Heisa. Met foto's van Vincent Mentzel.
Manteau, Amsterdam, 1985 [52 blz.].
[In: Diogenes, jrg. 2 nr. 9-10 (1985), p. 461-462]

